Duurzame warmte-uitwisseling in Overijssel

Dat Overijssel onder de grond een schat aan duurzaamheid herbergt, bewijzen de tuinbouwers uit de Koekoekspolder, zwembad De Slag uit Hardenberg, Universiteit Twente en energiekoplopers Twence en Wavin. Via een ingenieus ondergronds leidingensysteem verwarmen zij hun gebouwen en processen door zelf aardwarmte uit de grond te halen, of door restwarmte van de ‘buurman’ over te nemen. Hierdoor realiseren ze een besparing die gelijkstaat aan het energiegebruik van honderden huishoudens.

Acht jaar geleden vatten aardbeienkweker Richard Kalter en twee collega kwekers het plan op hun kassen met aardwarmte te gaan verwarmen. “Het was een kostbare investering, waarbij de provincie Overijssel en de gemeente Kampen hun nek hebben uitgestoken. Wij zelf moesten ons bedrijf een paar honderd meter verhuizen om goed aangesloten te kunnen worden op het aardwarmtenetwerk. Maar zo’n kans grepen we wel met beide handen aan, want de gasrekening was erg hoog en je weet gewoon dat het niet duurzaam is voor de toekomst.” De drie bedrijven werden in 2014 aangesloten op de aardwarmtebron. “Doordat het traject zo langzaam ging, ontstonden er gaandeweg ook nieuwe plannen. Zo had onze buurman- een biologische zadenkwekerij- ook interesse. Hij kon nog meedoen.”

Van warm naar koud water

“Het water uit de aardwarmtebron komt met 68 graden aan bij de komkommerkwekers. Zij halen er zo’n 30 graden vanaf voor hun bedrijfsprocessen. Vervolgens komt het water van 40 graden naar mij. Ik haal er 10 graden vanaf en mijn buurman nog een keer 15 graden. Daarna gaat het afgekoelde water weer terug de grond in. De warmwaterbron produceert zo’n 150 duizend liter water per uur. Daarvan komt uiteindelijk zo’n 65.000 liter naar ons bedrijf. Met deze warmtebron besparen we zo’n 500.000 kuub gas per jaar, dat staat gelijk aan de energiebehoefte van 250 huishoudens.”

Duurzaam verhaal

“De wereld draait ondertussen anders dan je denkt. De gasprijzen zijn enorm gekelderd, dus ons financiële voordeel staat onder druk. Maar ik vind het duurzaamheidverhaal toch het belangrijkste. Daar leent ons bedrijf zich ook uitstekend voor. Ik merk bij de klanten dat daar toch steeds meer belangstelling voor ontstaat. In elk doosje aardbeien zit nu een kaartje met onze energievisie. Op onze website kunnen klanten het proces volgen. De data over onze energiebesparingen communiceren we open. Dat vind ik ook belangrijk, want het is wel gesubsidieerd met gemeenschapsgeld.”

Dosis gezonde eigenwijsheid

Ondernemers die aan de slag willen met duurzame energie, raad ik aan vooral bij “ervaren” ondernemers te gaan kijken. Ga kijken bij vergelijkbare projecten en leer hoe je de zaken geregeld moet krijgen, technisch, maar ook financieel. Je hebt een dosis gezonde eigenwijsheid nodig en houd vooral je eigen doel voor ogen. Neem er ook de tijd voor! Ik heb zelf ook wel eens gemopperd op hoe lang het allemaal duurde, maar achteraf is het goed geweest en hebben we nu een beter aardwarmtenetwerk dan gedacht.

In Hardenberg was de duurzame zaak sneller beklonken. Al vanaf de bouwtekening voor het nieuwe zwembad is gekeken naar een zo laag mogelijke energierekening. ‘Buurman’ Wavin had warmte over. Nog voor de eerste steen gelegd was, lag er al een ondergrondse leiding tussen het zwembad en Wavin.

“Wavin gebruikt voor de bedrijfsprocessen water wat daardoor verwarmt wordt. Wavin is verplicht om het water afgekoeld terug te sturen naar de bron”, aldus Yvor Seinen, exploitatiemanager accommodaties. “Dat kost hun nog weer extra energie terwijl wij hun warme water goed kunnen gebruiken. Wij halen 1 tot 2 graden van hun water af. Dat klink weinig, maar dat is toch zo’n 60 kwT, vergelijkbaar met de warmtebehoefte van drie huishoudens. We gebruiken de warmte voor de zwembaden, kleedkamers, de luchtcirculatie en het douchewater. Ruim 80% van de warmte wordt geleverd door de warmtepomp. Daarvan is 30% afkomstig van Wavin en 70% van onze eigen restwarmte. Het zwembadsysteem is gebaseerd op water van 45 graden. 42 graden halen we nu uit de restwarmte. Drie graden verwarmen we nog bij met de CV. Het zwembad is nu een half jaar operationeel. We blijven binnen alle energie-afspraken die we gemaakt hebben, dus de resultaten zien er goed uit.

Duurzame zwembaden

De gemeente heeft 6 zwembaden in beheer. We kijken bij elke vestiging naar de duurzaamheid, maar er is natuurlijk veel verschil met een pand dat al 20 jaar oud is of dit nieuwe zwembad in Hardenberg. In Dedemsvaart hebben we inmiddels een houtkachel en in Ommen is het zwembad gekoppeld aan een cultuurcentrum en een sporthal. Daar delen we ook de warmte met elkaar!

Door nieuwbouw, betere isolatie, duurzamere bouwmaterialen en door aansluiting op het warmtenet heeft de Universiteit Twente (UT) in tien jaar tijd het warmtegebruik met 50% gereduceerd. Voor een enorm complex als de universiteit betekent dat een besparing van het energiegebruik van zo’n 1.900 huishoudens.

“De UT is deelnemer aan de meerjarenafspraak”, begint Henk Hobbelink. “Doel is om tussen 2005-2020 20% energie te besparen in de gebouwen. Dat betekent 2% energiebesparing per jaar. We zijn dat doel goed aan het halen. We namen maatregelen op het gebied van elektra, aardgas en warmte. We besparen onder meer omdat we technisch vernuft inzetten: het warmtenet en een slim gebouwbeheersingssysteem. Zo heeft de UT het reserveringssysteem van de collegezalen gekoppeld aan het gebouwbeheersingssysteem. Een kwartier voor aanvang gaan licht en verwarming aan en een kwartier na afloop weer uit. Het klinkt simpel, maar we verlichten, verwarmen en ventileren  alleen in bezette ruimtes. Dat scheelt serieus in de energierekening.”

Warmte uit biomassa

“Het warmtenet ligt er al vanaf 1991. Toen werd er een grote krachtcentrale in de buurt gebouwd. Die produceerde elektra, maar had een grote hoeveelheid restwarmte. Die restwarmte ging naar de UT. Sinds drie jaar is de bron van de warmte een andere. De UT is nu aangesloten op het leidingensysteem dat loopt vanuit afvalverwerker Twence (warmtenet Enschede en omgeving). Hiermee is de energie duurzaam geworden, want Twence haalt de warmte uit biomassa en grijs afval. Daarmee is ook de UT zo’n 50% CO2-neutraler geworden.

Ambitie meer graden winnen

“Stadverwarming is een mooie oplossing. Op het UT terrein zelf heb je geen uitstoot. De installaties zijn heel klein en je hoeft geen grote gasleidingen te onderhouden. Qua bedrijfsvoering werkt dit heel plezierig. Het water komt binnen met 100 graden. UT haalt er zo’n 80 graden vanaf voor de warmtebehoefte van de gebouwen. Onze ambitie is om nog meer graden te winnen uit het water zodat het water dat wordt teruggeleverd aan Twence nog kouder is. We onderzoeken nu of we het warme water ook kunnen inzetten voor de vloerverwarming.”